Compressieklasse

Therapeutische compressiekousen hebben een gegarandeerde drukwaarde en een gereguleerd compressieverloop. Therapeutische compressiekousen zijn in 4 compressie-klassen onderverdeeld. Hieronder wordt weergegeven bij welke symptomen welke klasse wordt aangeraden. 

Belangrijk hierbij op te merken is dat elk been uniek is en bijgevolg moet elk been op zich geanalyseerd worden. onderstaand overzicht kan gebruikt worden als leidraad, maar is zeker niet voor iedereen de juiste compressieklasse. Bij Schaeps wordt voldoende tijd genomen om een grondige analyse van de benen/armen uit te voeren. Op deze wijze wordt er in samenspraak met de behandelende arts getracht u te helpen tot de meest optimale oplossing te komen.

Klasse 1 – Lichte compressie (18-21 mmHg)

  • Bij licht vocht vasthouden en met vermoeid en zwaar gevoel in de benen
  • bij lichte vorming van spataderen
  • ter preventie tijdens de zwangerschap
  • voor therapeutische behandeling van littekens.

Klasse 2 – gemiddelde compressie (23-32 mmHg)

  • Bij varicosis (spataders)
  • gezwollen benen tijdens de zwangerschap
  • na sclerosebehandelingen en operaties
  • voor de langdurige behandeling van een genezen ulcus cruris venosum
  • bij oedeemneiging. 

Klasse 3 – sterke compressie (34-46 mmHg)

  • Bij spataders door beschadiging van de diepe venen
  • na genezing van een ulcus cruris venosum
  • bij een sterke oedeemneiging
  • bij chronische veneuze insufficiëntie
  • bij elefantiasis
  • bij lymfoedeem

Klasse 4 – zeer sterke compressie (> 49 mmHg)

  • Voor patiënten met zeer zware veneuze aandoeningen
  • bij non pitting lymfoedeem
  • bij elefantiasis
  • bij lymfoedeem met fribrose